Vilan van de Loo
Foto Mylène Siegers
Vilan van de Loo is in de ban van oude Indische damesromans. “En u binnenkort ook”, zegt ze stellig. “Want deze romans zijn het leven zelf”.
Is dat zo? Misschien. De oude Indische maatschappij, zoals die ooit bestond in vervlogen tijden, is nergens anders zo goed bewaard gebleven als in deze damesromans. Daarin vinden we grote vraagstukken van de tijd en dagelijks gemiezemuis. Sommige romans spreken over liefde en moord (dat kan bij elkaar horen), andere behandelen concubinaat, vriendschap of politieke kwesties. In de ene roman verschijnen verschillende bevolkingsgroepen, die onverschillig tot intiem met elkaar omgaan, in de andere roman staan veel natuurbeschrijvingen. Elke damesroman is verschillend van de ander, maar allemaal zijn ze Indisch, rakend aan het oude Indië, en geschreven door vrouwen, voor vrouwen.
“Kijk”, zegt Vilan opgewekt, “dat verandert de zaak natuurlijk. Want het is nog steeds zo: als je iets over het verleden van een familie wil weten, dan zoek je een oudere tante. Zij kent de verhalen van toen en weet hoe het werkelijk was. Deze romans zijn de tantes. Ze bevatten verhalen over het leven. Eigenlijk zijn ze het geheugen van Indië”.
Najaar 2009 publiceert KIT Publishers in samenwerking met het maandblad Moesson een herdruk van drie van een tiendelige serie Indische damesromans, herspeld in modern Nederlands en voorzien van een uitgebreide inleiding. Dat zijn: Mina Kruseman Een huwelijk in Indië (1873), Annie Foore: Bogoriana (1893) en Melati van Java Fernand (1878).
Vilan van de Loo is neerlandica. Van haar hand verschenen verschillende publicaties over Indië, vrouwengeschiedenis, romantiek en boksen. Van haar hand verscheen bij KIT Publishers eerder Indië ongekuist. Liefde, lust en hartzeer in de Nederlands-Indische letteren. Ze schrijft boeken op verzoek.